Spraak
Spraak is volgens het woordenboek: het vermogen tot spreken. Binnen de logopedie heeft spraak te maken met de besturing van de spieren voor het spreken en met de uitspraak van klanken. Problemen ontstaan wanneer iemand (jong of oud) moeilijkheden heeft met de spraak; de desbetreffende persoon is soms slecht of niet verstaanbaar voor zijn omgeving.
Spraakstoornissen komen zowel bij kinderen als volwassenen voor. Hieronder volgt een beschrijving van de meest voorkomende spraakstoornissen.
Spraakstoornissen bij kinderen
Een veel voorkomend probleem bij kinderen is een verlate of vertraagde spraakontwikkeling. Het gevolg is dat de kinderen slecht voor hun omgeving te verstaan zijn. Een veel voorkomende oorzaak van dit probleem is het verminderd horen van kinderen. Vaak komt dit doordat er vocht achter het trommelvlies zit. Dit wordt meestal behandeld door de KNO-arts. Verminderd horen zorgt ervoor dat klanken op elkaar lijken waardoor het kind geen onderscheid kan maken tussen de verschillende spraakklanken. Er zijn ook andere redenen te noemen waarom kinderen problemen krijgen met hun spraakontwikkeling. Deze zijn o.a. algehele ontwikkelingsachterstand of afwijkende mondgewoonten. Klik hier voor meer informatie over afwijkende mondgewoonten.
Afwijkende mondgewoonten (veel met open mond zitten, zuigen op een duim of vingers, verkeerd slikken) gaan vaak gepaard met slissen. Bij slissen komt bij het uitspreken van bepaalde klanken de tong tussen de tanden of kiezen. Meestal gebeurt dat bij de uitspraak van de letters: t, s en z.
Een ander probleem wat zich voor kan doen bij de uitspraak is een verstoorde nasaliteit. Hieronder verstaan we: het teveel of te weinig aan lucht door de neus bij het spreken. In onze spraak zijn er drie klanken waarbij de lucht door de neus moet gaan. Dit zijn de n, m, ng. Wanneer iemand te weinig lucht door de neus laat gaan bij het spreken (gesloten neusspraak), klinkt een m als een b. Wanneer iemand te veel lucht door de neus laat gaan bij het spreken (open neusspraak), wordt bijvoorbeeld de letter s door de neus uitgesproken.
Een andere oorzaak van een spraakstoornis kan een verbale ontwikkelingsdyspraxie zijn. Dit is een spraakstoornis die te maken heeft met de beweging: de mond wil niet op de juiste manier bewegen. Het kind heeft problemen met het programmeren, afstemmen en controleren van de bewegingen die nodig zijn voor het spreken.
Spraakstoornissen bij volwassenen
Dysarthrie is een spraakstoornis die is ontstaan ten gevolge van een neurologische stoornis. Te denken valt aan: een herseninfarct (CVA), ziekte van Parkinson, MS en ALS. De aard van de dysarthrie wordt bepaald door de oorzaak ervan. Bij spraakstoornissen ten gevolge een beroerte is er vaak nog (enig) herstel mogelijk. Bij een spraakstoornis ten gevolge van een neurologische ziekte is echt herstel niet mogelijk. Er kan wel worden gestreefd naar het behoud van de overgebleven spraak. Een vaak bijkomend verschijnsel bij dysarthrie zijn slikstoornissen. Klik hier voor meer informatie over slikproblemen. Wanneer iemand wordt aangemeld, zal er dus zowel naar de spraak als naar het slikken gekeken worden. Daarna volgt de therapie die gericht zal zijn op een zo goed mogelijke verstaanbaarheid en het zo veilig mogelijk maken van het slikken. Indien noodzakelijk zal er naar hulpmiddelen voor het spreken en of slikken worden gezocht.